1. Ons gemeenschappelijk welzijn moet op de eerste plaats staan; persoonlijk herstel is afhankelijk van de eenheid in AA.
    2. Wij erkennen in onze groep slechts één uiteindelijke autoriteit, een liefhebbende God, zoals Hij zich openbaart in het geweten van onze groep. Onze leiders zijn toegewijde dienaren, zij regeren niet.
    3. Het enige vereiste voor AA-lidmaatschap is het verlangen op te houden met drinken.
    4. Elke groep moet autonoom zijn, behalve in zaken die andere groepen raken of AA als geheel betreffen.
    5. Elke groep heeft slechts één hoofddoel – haar boodschap uitdragen aan de alcoholist die nog steeds lijdt.
    6. Een AA-groep mag nooit enige relatie of initiatief van buiten ondersteunen, financieren of de naam van AA ermee verbinden, zodat problemen rond geld, eigendom en prestige ons niet van ons hoofddoel afleiden.
    7. Elke AA-groep moet zichzelf volkomen bedruipen en bijdragen van buitenaf afwijzen.
    8. AA moet altijd niet-professioneel blijven, maar onze dienstencentra mogen bijzondere medewerkers in dienst nemen.
    9. AA als zodanig mag nooit georganiseerd worden, maar wij mogen wel dienstenbureaus of comités in het leven roepen, die rechtstreeks verantwoordelijk zijn aan degenen die zij dienen.
    10. Anonieme Alcoholisten heeft geen mening over aangelegenheden buiten AA; daarom mag de naam van AA nooit betrokken raken in enig publiek meningsverschil.
    11. Ons beleid ten aanzien van publiciteit is meer gebaseerd op aantrekkingskracht dan op reclame; tegenover de pers, radio en televisie moeten wij altijd onze persoonlijke anonimiteit handhaven.
    12. Anonimiteit is de geestelijke grondslag van al onze Tradities; deze herinnert ons eraan dat principes voorrang hebben boven persoonlijke belangen.